Vanochtend om tien voor negen hebben we de gasten uitgezwaaid, zoals we dat elke vrijdag gewoon zijn. Maar het was geen gewone week. Het was Community Week, de jaarlijkse week dat de Members van de Iona Community en hun partners bij elkaar komen. Niet alleen was de Abbey vol met 44 gasten, maar ook elders op het eiland (in de pods, de hotels of B&B's) verbleven nog zeker dertig mensen. Vroeger, toen het MacLeod Centrum nog open was, deden nog veertig mensen meer mee aan Community Week. Toen vond de hallowing van de nieuwe Members ook plaats tijdens de zondagsviering in Community Week en kwamen familieleden over om deze opname in de gemeenschap mee te maken. Tegenwoordig vindt de hallowing in Glasgow plaats tijdens een weekend in juni. Dat scheelt heel wat gereis naar Iona en zoeken naar een accomodatie op het eiland om te verblijven. Voor de keuken brengt het ook minder extra werk met zich mee. Want het was vroeger de gewoonte om op zondagmiddag een maaltijd aan te bieden aan alle deelnemers aan Community Week, familieleden van de nieuw gehallowde Members en eilandbewoners. Ik bewaar goede herinneringen aan mijn eigen hallowing twintig jaar geleden met een groot buffet in de refectory en een toetjesbuffet in het MacLeod centrum. De keukens van beide centra moeten toen dagenlang met de voorbereidingen bezig zijn geweest.
Cuppa
In dat licht bezien hadden we het deze week gemakkelijker. Geen hallowinglunch, wel een 'cuppa' op zondagmiddag, waarvoor ook alle eilandbewoners waren uitgenodigd. 'Cuppa' staat voor een kop koffie of thee met wat lekkers (we hadden de nodige taarten en koekjes gebakken), maar we moesten de eilandbewoners vooral niet zeggen, dat ze welkom waren op een 'tea', want dan hadden ze een hele maaltijd verwacht. De Engelsen en Schotten zijn goed in understatements.
Het was een gezellige drukte op zondagmiddag met naast de Members, vrijwilligers en stafkrachten ook een aantal eilanders. David Kirkpatrick, bij een aantal lezers van dit blog waarschijnlijk wel bekend als de schipper van de boot naar Staffa, vertelde een aantal mooie verhalen over de herbouw van de Abbey; zijn vader was een van de ambachtsliedne geweest die met George MacLeod aan de herbouw was begonnen. Maar het mooiste verhaal kwam van Jan Sutch Pichkard, Member van de Iona Community en een voormalige Warden, woonachtig nu in Fionphort, maar daarvoor bijna twintig jaar in Bunessan. Een paar weken geleden was de zolder van dat oude huis grondig opgeruimd en daarbij was in een afgelegen hoek een koffer gevonden. Was die soms van Jan? Nee, maar toen ze die samen openden bleek de koffer de kilt, het jasje en nog wat andere spullen te bevatten van Calum MacPherson, ook een van de eerste ambachtslieden. Die koffer was in dat huis terecht gekomen, omdat Calum's zuster daar vroeger ook gewoond had. Jan is zeer geinteresseerd in de geschiedenis van Iona en de Ross of Mull en ze vond dat de koffer een plaatsje verdiende in het Heritage Centre op Iona. Ze had daarvoor zelfs al een provisorisch tentoonstellingsbord gemaakt, dat ze overhandigde.
Voorproefje
Op maandagmiddag vond in de winkel van de Iona Community een bijeenkomst plaats met schrijver Bob Gilbert, echtgenoot van Member Jane Hodges. In coronatijd had hij voor de BBC een serie radio programma's gemaakt over de planten, die in de folklore een rol spelen in de Goede Week, van de katjeswilg op Palmzondag (waar wij de buxus zouden gebruiken) tot het parelmos van de verrijzenis. Hij had die teksten in de afgelopen jaren uitgewerkt tot een boek en Kathy Galloway gevraagd om bij elk hoofdstuk een meditatie te schrijven. Kathy was graag ingegaan op dat verzoek en had voor haar vrij onverwachte dood in augustus 2025 de meeste teksten kunnen schrijven. Alison Swinfen heeft de laatste tekst over de verrijzenis voor haar rekening genomen. Tijdens de bijeenkomst in de winkel las Bob een aantal van zijn teksten voor en showde de betreffende plant, waarna Jane de meditatie van Kathy voorlas. Waarschijnlijk zal het boek in november verschijnen bij Wild Goose Publications en biedt het een originele invalshoek op de Goede Week met zijn nadruk op de spiritualiteit van de omgeving.
Programma
Community Week volgt hetzelfde patroon als de andere weken op Iona, met inhoudelijke programma's op maandag-, woensdag- en donderdagochtend, de pelgrimage op dinsdag (een over het eiland en een naar Camas - wel bijzonder), het gastconcert op woensdag en de mogelijkheid van een bootocht naar Staffa. Daarnaast zijn er wat meer activiteiten in de marge, zoals de bijeenkomst met Bob Gilbert en twee muziekworkshops met Jane Bentley. En elke avond stonden er bijeenkomsten in vaste kleine groepjes gepland van half acht tot half negen. Die groepjes waren gemengd samengesteld, met gasten van de Abbey en andere deelnemers aan Community Week, stafkrachten en vrijwilligers (als zij dat wilden). Klein betekent hier maximaal elf mensen,
Elk jaar heeft Community Week een eigen thema en inleider. Voor dit jaar was Laurel Townhead uitgenodigd. Zij is directeur van de Quaker United Nations Office (QUNO) in Geneve. Zij leidde de drie ochtendsessies onder de titel ' Stille processen en smalle cirkels' en gebruikte daarbij de levensboom als symbool, waarbij de wortels staan voor gegrond zijn, de takken en uitlopers voor de verbeelding en de vruchten voor de actie. Deze benadering sluit goed aan bij de thematiek van onze eigen twee laatste weekenden in Schoorl: hoe blijf je weerbaar en veerkrachtig in deze tijd. Ik heb in de wandelgangen enthousiaste reacties gehoord over deze inleidingen, waarbij Laurel ook telkens voorbeelden heeft gegeven uit het stille vredeswerk van de Quakers in Geneve. Helaas kan ik daar zelf niets over zeggen: alle ochtenden moest ik in de keuken werken.
Lunch in de Village Hall
De plenaire bijeenkomsten met Laurel Townhead vonden plaats in de Village Hall (het dorpshuis), omdat de Abbey zo'n grote groep van 70 mensen niet kan huisvesten. In de Abbey aten alleen de mensen, die daar ook ene kamer hadden. De mensen, die in een andere accomodatie verbleven, moesten voor hun eigen eten zorgen. Wel waren twee lunches in de Village Hall geprogrammeerd, zodat er toch een paar gelegenheden waren waarop alle deelnemers, stafkrachten en vrijwilligers gezamenlijk oonden eten. Voor de keuken betekende dat, dat we wat meer soep en humus moesten maken, wortels en komkommers moesten snijden en brood moesten bakken. En alles moest worden getransporteerd van onze eigen keuken naar de village hall en weer terug. Gelukkig was er voldoende servies daar, maar de afwasmachine was defect. Het edele handwerk werd daarom in ere hersteld.
Het was vreemd om dit jaar Community Week mee te maken. Leuk, alle informele ontmoetingen met Members en partners, maar van het inhoudelijke programma heb ik weinig meegekregen. Morgen start een nieuwe week. Van een heel ander karakter. Het is youthweek. Met twee groepen jongeren van 12-18 jaar uit New York en hun begeleiders en een groep uit Londen, Dat zal een heel andere dynamiek teweeg brengen.







