vrijdag 20 juni 2014

Hoogkruizen op Iona 2

Een van de hoogtepunten van de week over Columba en de vroege kerk in Iona Abbey (7 t/m 13 juni) was voor mij de rondleiding die Peter Yeoman van Historic Scotland op woensdag gaf langs de hoogkruizen en in het museum. Op maandag had Éamonn Ó Carragáin verteld over de relatie tussen de beweging van de zon en de hoogkruizen in Northumbria en Ierland (zie mijn eerdere blog Hoogkruizen op Iona.) Diens inzichten zijn gevolgd bij de nieuwe inrichting van het museum. Nu hielpen die inzichten ook bij het beschouwen van St Martin's Cross. Het had eerder die ochtend flink geregend. Toen we ons rond tien uur verzamelden rond dit hoogkruis, was het droog maar het stenen kruis nog nat. Daardoor was het reliëf beter zichtbaar. En terwijl Yeoman een toelichting op het hoogkruis gaf en we nader de afbeeldingen van de oostzijde bekeken, brak de zon door en werden de patronen nog scherper zichtbaar. "Hebben jullie gezien hoe in de afgelopen twintig minuten de belichting steeds veranderde en onze aandacht daardoor telkens op andere onderdelen werd gericht?," merkte Ó Carragáin op. "De steen lijkt wel een levend ding." En dan te bedenken dat de oostzijde van dit hoogkruis meestal als het minst interessante deel wordt beschouwd: alleen maar een paar Keltische patronen als decoratie. Je zier er ook nauwelijks foto's van. Alle aandacht gaat uit naar de westzijde met de Bijbelse afbeeldingen. Dat is ook de kant die je als bezoeker het eerste ziet als je het terrein opkomt en naar de Abbey loopt. Die aandacht is terecht. Er valt ook veel te zien en te bewonderen. Maar beide zijden hebben hun eigen functies en aantrekkelijkheden, zoals ik hoop duidelijk te maken.




Start van een pelgrimage bij Iona Abbey.
Rechts St Martin's Cross, links St John's Cross.
 
 
Enige achtergrond

Vrijwel algemeen wordt nu aangenomen, dat de stenen hoogkruizen op Iona de eerste waren in West-Schotland en Ierland. Vanuit Iona zijn de hoogkruizen in deze regio verspreid. De eerste stenen hoogkruizen zijn gemaakt halverwege de achtste eeuw. Voor die tijd was het al wel de gewoonte om houten kruisen te plaatsen op het eiland. Adomnan's Life of Columba bevat verschillende passages hierover.

Men veronderstelt ook, dat voor de eerste kruisen kostbare metalen kruisen in de kerk model hebben gestaan. De eerste hoogkruizen waren St Oran's en St John's. De makers moeten wat overmoedig zijn geweest. De armen van het St John's kruis zijn veel te breed met een spanwijdte van 2,20 meter. Mogelijk speelde ook een rol, dat dit kruis bestaat uit acht stenen panelen, die later zijn samengevoegd. Al kort na zijn plaatsing viel het om. Daarop is het kruis versterkt met een stenen ring. Maar ook dat mocht niet baten. Het kruis bleef kwetsbaar in een storm. In 1927 heeft men de overgebleven stukken weer samengevoegd en rechtop geplaatst. Maar ook toen hield het kruis niet lang stand, in 1957 stortte het weer neer. Sindsdien is het origineel te bewonderen in het museum. Het St John's Cross, dat tegenwoordig voor de Abbey staat is een betonnen replica, dat daar in 1970 is geplaatst op de originele plek.

Van de ervaringen met deze eerste kruisen hebben de makers veel geleerd. De vorm van het St Martin's Cross is aangepast. De armen zijn veel korter en hebben ook gleuven. Daarin zouden bij gelegenheid ook houten armen kunnen worden geplaatst, zodat het hoogkruis meer lijkt op een kruis zoals we dat gewend zijn maar lichter van gewicht dan in een stenen uitvoering.. Een andere, meer waarschijnlijke, veronderstelling is, dat om de uiteinden rijk gedecoreerde gouden of vergulden omhulsels konden worden geplaatst. Daarvan is er helaas geen bewaard gebleven: de Vikingen waren tuk op goud. Het kruis is ook uit één groot stuk steen gemaakt, dat afkomstig is uit Loch Sween in Argyll, zo'n 80 kilometer verwijderd van Iona.

  

Patronage


Vroeger veronderstelde men, dat de hoogkruizen waren bedoeld als een catechetisch middel voor de pelgrims en andere mensen, die de schrijn van Columba bezochten. Dat idee is achterhaald, aldus Peter Yeoman. De kloostergemeenschap moet een dergelijk kruis nooit uit eigen middelen hebben kunnen laten maken. Denk alleen al aan de moeite die het moet hebben gekost om zo'n groot stuk steen van Loch Sween naar Iona te transporteren. Het moeten ook heel bedreven beeldhouwers zijn geweest, die de afbeeldingen in de steen hebben uitgehouwen. Wie het zijn geweest, weten we niet. Maar er zijn wel overeenkomsten met de stenen kruisen in Pictland, weten we sinds de studie van de Hendersons. Het uithouwen van de afbeeldingen moet gezorgd hebben voor veel metaalbewerking in de directe omgeving. In die tijd beschikte men alleen over beitels van zacht ijzer. Die moeten al binnen vijf minuten zijn versleten. Wilden de steenhouwers kunnen doorwerken, moeten ook smeden continu gewerkt hebben. "Een hoogkruis is het resultaat van een ongehoord groot surplus aan agrarische opbrengst," trekt Yeoman als conclusie. "Alleen een koning kan hiertoe opdracht hebben gegeven. De productiekosten voor een hoogkruis komen overeen met die van een groot schip of een kelder met tonnen wijn uit Bordeaux."

Hoewel de opdrachtgever niet bekend is, heeft Yeoman wel een vermoeden. Rond 740 vonden grote politieke veranderingen plaats in dit deel van Schotland. Het oude koninkrijk Dál Riata moest het onderspit delven tegen de Picten. In 741 noteren de annalen “the smiting of Dál Riata by Óengus, son of Fergus.” Het zou heel goed kunnen, dat in de jaren daarna Óengus dit hoogkruis heeft geschonken aan de kloostergemeenschap van Columba om een en ander goed te maken bij zijn nieuwe onderdanen. En Columba stond ook bij de Picten in hoog aanzien.

Rond 750 vond ook de opening van Columba's graf plaats om toegang te krijgen tot zijn beenderen en andere relieken. We weten dit, omdat in 753 zijn beenderen een rondreis door Ierland maakten, waarbij ze gebruikt werden bij de afkondiging van wetten en het consecreren van nieuwe kerken. Voor het transport van Columba's beenderen zal een kostbare reliekschrijn zijn gemaakt, terwijl ook voor de andere relieken houders nodig waren. En waarschijnlijk werd een eerste stenen kapel gebouwd op dezelfde plek waar nu St Columba's shrine staat, waar de reliekschrijn en de andere relieken konden worden bewaard. In ieder geval zal de opening van Columba's graf een gebeurtenis zijn geweest van een ongekend hoge spirituele waarde. Koningen en edelen uit Ierland en Pictland zullen naar Iona zijn gekomen met grote geschenken. Is voor deze gelegenheid ook St Martin's Cross geschonken? Qua tijdstip zou het kunnen. Het kruis staat langs de 'Street of the dead', die in een rechte lijn loopt naar St Columba's shrine. De bocht die het huidige pad maakt is van later datum en ook gemaakt van andere stenen.
  

Oostzijde St Martin's Cross

 
 

St Martin's Cross is dus niet gemaakt als catechetisch hulpmiddel voor de gewone pelgrims, maar voor gebruik door de monniken zelf. Voor die interpretatie pleit ook de hoog-theologische inhoud van de afbeeldingen op het kruis.

Als de monniken 's ochtends uit de kerk kwamen na een aantal getijdendiensten en andere vieringen zagen zij de oostzijde van het kruis, wat wij nu de achterkant zouden noemen. Op die kant scheen dan de zon: de afbeeldingen waren goed zichtbaar. Aan deze zijde is dat een complex patroon van overwegend slangen en knoppen ("bosses"- uitstekende halve bollen).

De afbeeldingen op een hoogkruis zijn niet gemaakt vanwege hun decoratieve waarde. Ze willen centrale onderdelen van het christelijk geloof bemiddelen. Dat geldt ook voor de knoppen en slangen. De aantallen knoppen hebben ieder hun eigen betekenis. Zo staat drie voor de Drie-eenheid en vijf voor de vijf kruiswonden van Christus (de doorboorde handen, voeten en zijde). Op het St Martin's Cross komen de vijftallen een aantal keren voor. De grootste knoppen kan je zien op de armen van het kruis en in het midden, maar daaronder komen nog drie vijftallen voor. Als je die onderste vijftallen nader beschouwt, zie je dat de knoppen omgeven zijn door kleinere knoppen, veelal in formaties van drie. Met elkaar vormen zij een Chi, een verwijzing naar de Christus-titel.

Éamonn Ó Carragáin veronderstelt, dat het hoogkruis voor de monniken veel stof tot meditatie gaf. Ze leefden meer dan wij in een cultuur van mondelinge overlevering en kenden de psalmen goed uit hun hoofd. Ze kunnen bij elk aantal knoppen telkens een ander psalmvers hebben gekozen om nader te overdenken. Bij een aantal van 150 psalmen zijn de combinaties eindeloos.

Slangen op hoogkruizen zijn goede slangen. En dat niet alleen omdat St Patrick de slangen uit Ierland verbannen heeft en Columba volgens Adomnan Iona gezegend heeft, zodat slangen de mensen en het vee geen kwaad kunnen doen zolang de eilandbewoners de geboden van Christus volgen. Ook in de Bijbel komen goede slangen voor (zie ook Power, 2013, p. 35). Toen het volk van Israël in de woestijn klaagde, dat giftige slangen hen beten, kreeg Mozes de opdracht een bronzen slang te maken en die op een paal te zetten. Ieder die was gebeten en zijn ogen op de bronzen slang richtte, bleef in leven (Num 21, 6-9). Jezus, de nieuwe Mozes, zegt dat hij als de slang in de woestijn omhoog zal worden geheven, opdat een ieder die in Hem gelooft eeuwig leven zal hebben (Joh 3, 14-15) en tot hem zal worden getrokken (Joh 12, 32). Omdat een slang ook elk jaar vervelt en zijn oude vel achterlaat, staat hij symbool voor de wedergeboorte. En vanwege deze vernieuwende eigenschap is de slang tevens symbool voor de geneeskunst (vandaar het esculaapteken). Op veel hoogkruizen worden slangen ook afgebeeld in tweetallen, in elkaar verstrengeld, met de koppen naar boven. Zo vormen zij een Chi en verwijzen zo weer naar Christus.

Het motief van de slangen en knoppen komt ook voor in het Book of Kells. Dat wordt tegenwoordig in Dublin bewaard, maar is waarschijnlijk gemaakt op Iona. Een van de argumenten voor die veronderstelling is de aanwezigheid van dit motief zowel in het Book of Kells als op de hoogkruizen van Iona. Hoogkruizen uit Pictland en Northumbria maken veel meer gebruik van het motief van de wijnstok.

Tot zover de interpretatie van deze zijde van het St Martin's Cross. Rest nog te melden, dat Ó Carragáin op het eind nog wees op een bijzonderheid. Het kruis is gemaakt uit één stuk grijsgroene steen, dat staat in een stenen houder van een wat andere kleur. De basis van die steen is breder dan de top. De overgang is uitgesleten en je kan nu een mooie glooiing zien. "Dat komt doordat generaties monniken hier voor het hoogkruis geknield gebeden zullen hebben," aldus Ó Carragáin en hij knielde op de sokkel neer met zijn hoofd gebogen tegen het kruis. Het paste precies.

 

Westzijde St Martin's Cross

 


De westzijde bestaat uit een reeks van afbeeldingen uit het Oude Testament, die ook verwijzen naar verhalen in het Nieuwe Testament. Het algemene thema is de incarnatie van Christus.

Als we het kruis van beneden naar boven bekijken zien we allereerst het inmiddels bekende motief van de slang en de knoppen.

Voor de afbeelding daarboven met vier figuren kom ik verschillende interpretaties tegen. Peter Yeoman sprak tijdens de rondleiding over David die Goliath verslaat (links) en daarna terug naar Saul gaat. De eerste scene kan dan ook gezien worden als Christus die de anti-Christ verslaat. De tweede scene is een geliefd thema bij monniken vanwege de gelofte van gehoorzaamheid. Alleen de eerste scene staat vermeld op het tableau met de korte uitleg, dat Historic Scotland bij het hoogkruis heeft geplaatst.

Rosemary Power geeft in haar boek een andere uitleg (Power, 2013, p. 43-44). De figuur aan de linkerkant, mogelijk een vrouw, is verbonden met de figuur rechts van haar, die haar zegent. De derde figuur staat en ontvangt een groet van een knielende of zittende persoon. Zij ziet hierin de ontmoeting van Maria en Elisabeth en Hanna die door de hogepriester wordt gezegend. Het verhaal uit het Oude Testament is een voorbode van het Nieuwe Testamentische verhaal, want Hanna is zwanger van de toekomstige hogepriester Samuel en Maria van Jezus, de opperste hogepriester.

De derde afbeelding is koning David met de harp, die wordt vergezeld door een kleinere engel. Deze afbeelding kan zowel verwijzen naar Christus als koning als naar het dagelijkse werk van de kloosterlingen, n.l. het zingen van de psalmen, die aan David worden toegeschreven.

Daarboven zien we Abraham, die de voorbereidselen treft om zijn zoon Isaac te offeren. Je ziet hem zijn zwaard trekken. De engel is aanwezig om hem dit te beletten, maar wat ontbreekt is de aanwezigheid van een ram, die in plaats van Isaac geofferd kan worden.

Boven Abraham en Isaac zien we een figuur omringd door twee dieren. Dit is een verbeelding van Daniel in de leeuwenkuil. Je kan zelfs Habakuk nog in een hoekje zien kijken. Bezien als verhaal uit het Nieuwe Testament kan je hier denken aan Christus in de woestijn te midden van de wilde dieren.

Dan zijn we aanbeland in het midden van het kruis. Dit is een afbeelding van Maria, die het kind Jezus toont aan ons, kijkers, zoals zij dat eens deed aan de drie wijzen. Zoals in het Book of Kells, dat eenzelfde afbeelding bevat, wordt zij omringd door vier engelen. Als reflectie van de hemelse koren zouden de monniken zich ook in deze engelen herkend kunnen hebben.

Op de armen van het kruis staan leeuwen afgebeeld, vaak ook gebruikt als verwijzing naar Christus.

Vanwege de inval van het zonlicht is deze zijde vooral in de middag en de avond goed zichtbaar, als de monniken weer naar de kerk gaan. Maria en het kind baden nog in het avondlicht als de rest van het hoogkruis al in de schaduw staat. Om die reden veronderstelt me ook wel, dat de afbeeldingen corresponderen met de verschillende getijdengebeden.

Conclusie

St Martin's Cross staat al meer dan 1200 jaar op dezelfde plek en heeft de invallen van de Vikingen en de Reformatie overleefd. De andere hoogkruizen zijn minder goed bewaard gebleven, maar op de restanten zijn deels dezelfde motieven te herkennen. Peter Yeoman typeerde St Martin's Cross als de "meest monumentale expressie van de passie van Christus." Het kost enige moeite om de betekenislagen van de verschillende afbeeldingen te verstaan. Voor een deel heeft dat te maken met onze vluchtigheid. Ik kom al sinds 1997 bijna jaarlijks op Iona, heb in het begin ook wel een rondleiding gevolgd, maar liep meestal snel voorbij de hoogkruizen en zeker voorbij de oostzijde van dit kruis. Voor een ander deel is de wijze van theologiseren ook verschillend. De hoogkruizen zijn meer gaan leven. Bij een volgend bezoek zal ik er zeker wat langer bij stil staan. En Éamonn Ó Carragáin daagde de Iona Community ook uit om meer met St Martin's Cross te doen. Kunnen de goede slangen, de leeuwen en de andere beesten ook gebruikt worden in een hedendaagse spiritualiteit met aandacht voor ecologie?


Bronnen


Naast mijn persoonlijke aantekeningen van de rondleiding door Peter Yeoman en de inbreng van Éamonn Ó Carragáin heb ik gebruik gemaakt van

Rosemary Power, The story of Iona, Columban and Mediëval Sites and Spirituality, Canterbury Press, Norwich, 2013

Peter Yeoman and Nicki Scott, Iona Official Souvenir Guide, Historic Scotland, revised edition, 2014


Geen opmerkingen:

Een reactie posten